Yvonne Keunen – Zevenhuizen
Tuincentrum Van der Spek in Zevenhuizen is opnieuw verkozen tot ’s lands leukste winkel in tuinbenodigdheden. Lage prijzen, gezelligheid en vriendelijk personeel zorgen bij klanten voor een zogenoemd ‘Spekgevoel’.
Buiten zijn alle vijfhonderd parkeerplaatsen gevuld en leiden verkeersregelaars alles in goede banen. Binnen wemelt het van de kinderen die meedoen aan een speurtocht of in de rij staan voor een ponyritje. Welkom bij Van der Spek: geen pretpark maar een tuincentrum.
In de enorme winkelhal langs de A12 lopen deze ochtend vooral ouders met glunderende kinderen rond. „Al die jonge supporters zijn onze klanten van de toekomst”, zegt eigenaar Martien van der Spek (52). Dus worden er niet alleen planten en bloemen verkocht, maar ook alpaca’s geaaid en pannenkoeken gebakken.
Twee jaar geleden maakte het familiebedrijf een schaalsprong naar 10.000 vierkante meter. Die verdubbeling tastte de eigenheid van Van der Spek niet aan. Natuurlijk zijn er klanten die het nu te groot en te druk vinden, maar de overgrote meerderheid bleef fan: het tuincentrum is voor de tweede keer op rij uitgeroepen tot ‘de leukste van Nederland’.
‘Leuke handel, leuke prijs’
Tijdens zijn rondleiding houdt Van der Spek halt bij een rek vol primula’s. Een hele schaal met deze roze voorjaarsbloeiers kost nog geen 5 euro. „Wij noemen dat een Spektopper”, zegt hij. In de winkel wijst hij op de ene na de andere aanbieding. „Wij proberen mensen te verrassen met leuke handel voor een leuke prijs.”
Dat klinkt misschien eenvoudig in de oren, maar dat is het in de praktijk niet. „Daarvoor moet je scherp inkopen”, zegt hij. Hoewel veel planten en bloemen op veilingen in Nederland en Duitsland worden gekocht, doet Van der Spek ook graag rechtstreeks zaken met kwekers. „Onze olijfbomen importeren we bijvoorbeeld zelf uit Spanje. Dat maakt ze een stuk goedkoper”, zegt hij. „Om dezelfde reden laten we ook containers vol tuinmeubelen uit China komen.”
Ook handelaren weten Van der Spek te vinden voor hun restpartijen planten en bloemen. „Zo bleef vorig jaar in de haven van Rotterdam iemand zitten met een container vol kransen. Wij weten daar vervolgens wel raad mee.”
Betaalbaarheid staat voorop voor Van der Spek. „We zijn niet voor niets een voordeeltuincentrum.” Maar het moet ook leuk zijn in de winkel. Daarom is er niet alleen mooi uitgestalde koopwaar, maar ook een dierenweide, een binnenspeeltuin en een groot horecagedeelte.
Boerderij
Het is allemaal heel wat anders vergeleken met hoe het begon. De opa van Martien kocht zo’n honderd jaar geleden een boerderij aan de toen nog landelijke Bredeweg. Net als veel boeren in de omgeving hield hij er vervolgens koeien en verbouwde hij aardappelen.
De vader van Martien, de nu 84-jarige Teun van der Spek, plantte op zijn beurt een appel- en perengaard. Het fruit bracht op de veiling echter zo weinig op, dat hij besloot het langs de weg te verkopen.
Die twee verkoopkistjes met appels leidden in de jaren erna tot een verkoopschuurtje, een marktkraam en uiteindelijk een grote winkel. Het assortiment bleef bovendien niet beperkt tot fruit: er kwamen ook andere verswaren uit de streek bij, zoals verse groenten, zuivel, eieren, kaas en vlees.
Martien hielp als kleine jongen al mee in het bedrijf van zijn vader. „Toen ik 4 jaar was, vulde ik doosjes met eieren. Ik ben er spelenderwijs ingerold”, vertelt hij. Dertig jaar geleden trad hij toe tot de zaak. „Ik heb groente en fruit altijd heel leuk gevonden. Ik houd me graag bezig met klanten.”
Al snel ontdekte Martien dat de klanten die voor fruit of groenten kwamen, ook graag een paar geraniums of een bosje tulpen meenamen. „Mijn vader was een appelboer, ik durfde uit te pakken met planten en bloemen”, zegt hij. „Ik zeg altijd: hopen doet verkopen. Toen mijn vader zag dat dat werkte, liet hij me mijn gang gaan.”
Dus werd de verswinkel uitgebreid met een tuinafdeling. In 2014 werd het eerste tuincentrum geopend, twee jaar geleden volgde de grote uitbreiding. „Mijn vader loopt hier nog steeds rond. Al bemoeit hij zich niet meer met de dagelijkse gang van zaken, maar perst hij op zijn gemak al het karton voor de recycling. Daarvan is er heel veel in een tuincentrum.”
Combinatie
De combinatie van tuincentrum en verswinkel, die gehuisvest zijn in aparte gebouwen op het terrein, blijkt goed te werken. „Je gaat natuurlijk niet wekelijks naar een tuincentrum, maar wel naar een verswinkel. Wie voor groente en fruit komen, pakt gemakkelijk een bos bloemen mee. Wie voor een plant komt, koopt al snel ook een stuk kaas.”
Van der Spek hecht bovendien aan een prettige werkomgeving voor de tweehonderd personeelsleden. Want wie het naar zijn zin heeft op het werk, is vriendelijk richting de klant. Dus krijgt iedereen verantwoordelijkheid en de mogelijkheid om door te groeien.
Ook is er een enorme kantine voor de lunch of koffiepauze, met wat lekkers of een potje tafelvoetbal. Het behalen van de titel ‘leukste winkel’ wordt gevierd met een personeelsuitje. En op zondagen hoeft niet te worden gewerkt. „Wij zijn gelovig, dus zijn we op zondag gesloten”, zegt Van der Spek. „Het is goed voor medewerkers om een dag rust te hebben. Dat verhoogt de tevredenheid van het personeel. Ik hoor dat veel collega’s daar best jaloers op zijn.”
Personeel
Van der Spek vertelt met enige trots dat hij zelden vacatures heeft. Personeel gaat niet snel weg bij het familiebedrijf, waar Martien de leiding deelt met zijn zoon Ton en met Wilco Prosman, die getrouwd is met een nicht.
„Er werken hier veel achterneven en -nichten, maar ook moeders en dochters en vaders en zonen. Het is daardoor een familiebedrijf in meerdere opzichten. Dat zorgt voor een goede sfeer en bevlogenheid”, zegt hij. „Het meest trots ben ik dan ook op mijn team.”
„Wie voor een plant komt, koopt al snel ook een stuk kaas.”
– Martien van der Spek















